Marcel
Yabili.
1. King Leopold heeft mij ontmaagd. 5 jaar, 5 boeken, 1 vraag.
2. King Léopold m’a dépucelé. Cinq ans, cinq livres, une
interrogation.
Editions Musée Familial Yabili, Lubumbashi, 2025. Paperback, 102
pagina’s, kaarten, tabellen, foto’s
1. ISBN 978-23-835-4114-1; € 12,88. 2. ISBN 978-23-835-4107-3; €
8,97
King Leopold heeft mij ontmaagd
Dit boekje met zijn rare titel verscheen ook in het Frans als ‘King Leopold m’a dépucelé’. Het is één van de meer dan dertig publicaties van Yabili, advocaat in Lubumbashi en als schrijver gespecialiseerd in de geschiedenis van Congo. In vijf jaar tijd wijdde hij er vijf boeken aan.
Inhoud
King
Leopold heeft mij ontmaagd
Met
dat ‘ontmaagd’ bedoelt hij : geschrokken door de onjuiste
bevolkingscijfers van Stanley, die schattingen maakte zonder de
gebieden verkend te hebben. Het verschil met de telling van 1920
werd dan verweten aan Leopold (p. 14). Yabili bewondert Leopold
om zijn prestaties in Congo Vrijstaat en in China, dat nu veel
genadelozer te werk gaat in Congo dan Leopold destijds (p. 21).
De schrijver uit ook kritiek op ‘vertellers’ zoals de Brit
Morel, die beelden produceerden zonder de juiste informatie en
die andere ‘vertellers’ zoals Mark Twain, Arthur Conan Doyle,
Jules Marchal en Adam Hochschild inspireerden. Yabili bewijst
ook dat Morel slecht geïnformeerd was: het 10.000 pagina’s dikke
‘Bulletin Officiel’ van Congo Vrijstaat had hij nooit ingekeken
(p. 47) en de wapens die dienden voor de antislavernij-campagnes
beschouwde hij als wapens om de Congolezen te onderdrukken. Zijn
cijfers over de rubberexport bevatten ook de veel grotere
hoeveelheden van de buurlanden Angola en Congo Brazzaville, dus
niet enkel van Congo. Het Congolese deel bedroeg maar één derde
van het Afrikaanse en slechts 10% van het mondiale: Zuid-Amerika
en vooral Brazilië produceerden veel meer: 70% (p. 26-30).
Hij toont ook aan dat het systeem waarbij ambtenaren premies
kregen voor hogere rubberoogsten slechts één jaar bestond: van
april 1894 tot maart 1895 en geen “23 jaar” (1855-1908), zoals
vaak verteld wordt (p. 96-97).
Yabili verzet zich krachtig tegen allerlei verhalen over Leopold
en komt dan met zijn waarheid op basis van tienduizenden
documenten die anderen niet bekeken.
Hij beweert zelfs dat de antiklerikalen en de ‘vertellers’ de
geschiedenis vervalsten: volgens hen was Thomas Kanza in 1956 de
eerste Congolese universitair. Maar in 1907 was er al
landbouwkundige Paul Panda Farnana, opgeleid in België en in
1917 priester Stefano Kaoze, opgeleid in Congo. Hij geeft nog
andere voorbeelden van onjuistheden (p. 51-53).
Nu wonen in Congo nog maar 2.746 Belgen tegenover 90.000 in
1960. Omgekeerd is het aantal Congolezen in België sinds de
onafhankelijkheid gestegen van 300 naar 60.000, dat is x 200!
Een ‘omgekeerde kolonisatie’ (p. 59). Zij eisen van alles voor
zichzelf, niet voor de Congolezen in Congo (p. 61).
Hij vermeldt ook dat een Congolese delegatie wenste dat
kunstvoorwerpen in Tervuren blijven, zodat bezoekers uit heel de
wereld ze kunnen bewonderen, in plaats van ze naar Congo te
brengen (p. 62-63).
Beoordeling
Yabili doet opnieuw een poging om de foutieve beeldvorming
omtrent Leopold II recht te zetten. Bij momenten is hij dan zeer
emotioneel en woedend op de geschiedvervalsers.
In 2020 deed hij ook al een poging om de waarheid te tonen in
zijn uitgebreide studie ‘Le roi génial et bâtisseur de Lumumba’,
vertaald als ‘Mijn waarheid over Leopold II: nepnieuws
ontkracht’. Of hij de vele tegenstanders hiermee zal overtuigen,
is een andere vraag.
Bij p. 59-66 wordt verwezen naar 40 noten, maar die staan niet
in het kleine boekje, wel in het grote.
Soms is het nuttig om de Franse versie erbij te houden. Dan zie
je dat er met ‘Land buren’ (p. 27) de buurlanden van Congo
bedoeld worden. Tegelijk is het knap dat een Congolees beter
Nederlands kent dan menig Belgisch minister. Aanbevolen lectuur
voor wie een juist beeld wenst van de geschiedenis van Congo.
© Jef Abbeel, ktober 2025
www.jefabbeel.be




