Menu
Histoforum Films
All Quiet on the Westernfront
All Quiet on the Western Front - 1979 - speelduur: 150 min - orig. Engelse versie, Ned. ondertitels - DVD: 2001,.
Regie: Delbert Mann
Acteurs: Richard Thomas (Paul Baumer), Ernest Borgnine, Donald
Pleasence, Ian Holm ...
Tijd: Eerste Wereldoorlog, 1916-1918.
Plaats: Duitsland, Frankrijk.
Genre: psychologische (anti)oorlogsfilm.
Gebaseerd op het boek van Erich Maria Remarque, Im Westen nichts
Neues (1929)
All Quiet on the Westernfront

Inhoud
Een verwoest landschap, ergens aan de Duits-Franse frontlijn,
1916. Een artilleriebombardement kondigt een zoveelste Franse
stormloop aan, die voor de zoveelste keer wordt afgeslagen.
Waarop de zoveelste nutteloze Duitse tegenaanval volgt op de
Franse linies, die wordt afgeslagen. Een aantal doden blijft
liggen, een zwaargewonde Duitse jongen wordt afgevoerd. ‘s
Anderendaags bezoeken zijn kameraden hem. Zij zijn allen
voormalige klasgenoten, afkomstig uit het eindjaar gymnasium
1916. Het been van de gewonde wordt geamputeerd en hij sterft
enkele dagen later in de armen van zijn vriend Paul Baumer.
Baumer is de centrale figuur en de verteller.
In een aantal gespreide flashbacks keren we terug naar de
laatste klasdagen. Onder de opzwepende vaderlandslievende
slogans van hun leraar meldt de voltallige klas van twintig
afgestudeerden zich aan voor militaire dienst. We volgen hen
tijdens hun opleiding onder de sadistische korporaal
Himmelstoss, op hun reis naar het front en hun eerste
kennismaking met de oorlog, die heel wat anders is dan de
voorstelling die ze zich ervan gemaakt hadden. Niets heeft hen
voorbereid op de gehaktmolen van de loopgravenoorlog: de zinloze
stormlopen, de verminkingen, de eeuwige modder, de
verschrikkingen van een gasaanval, de stank van de dood, de
ratten, traag en vet en vadsig omdat ze zich vol vreten aan de
lijken... De heroïek van de grote slogans is ver te zoeken.
In 1914 was het Duitse heir België binnengerukt in onafzienbare
colonnes als gold het een oefening, met rijdende veldkeukens en
krakend leer van fonkelnieuwe laarzen, koppelriemen en
paardentuig. Bij het frontleger van 1916 restte niets meer van
die schittering, behalve wanneer een generaal of vorst
arriveerde om met fanfares en ruiterescorte in parade de troepen
te inspecteren en IJzeren Kruisen uit te reiken. Dikwijls dan
nog aan de verkeerde, zoals de onverdraaglijke Himmelstoss, die
het niet verdiende.
Modder en stank en verveling overheersten het frontleven. De
rantsoenen waren onvoldoende, de warme maaltijden arriveerden te
laat en koud of helemaal niet, wanneer de etensdragers weer eens
waren uitgemoord door vijandelijk artillerievuur.
En het werd alleen maar erger. In 1918 was het brood oneetbaar
geworden, de lopen van de kanonnen uitgesleten, de uniformen
versleten, de zolen der laarzen vol gaten. De vijand had het
totale luchtoverwicht dat met de dag grotere zwermen
jachtvliegtuigen plus eskaders bommenwerpers de lucht in
stuurde. En de trotse Duitse soldaten waren moe na vier jaar
front en dood en modder.
Slechts één keer mag Paul naar huis, als hij zelf herstelt van
een verwonding. In Duitsland komt hij terecht in een wereld die
evengoed op een andere planeet kon liggen. Zijn moeder is
stervend aan kanker. Zijn vader wil hem als held opvoeren voor
zijn vrienden. Maar de burgers hebben niet het minste idee van
wat er aan het front gaande is. Door middel van lege bierpullen
zullen ze eens even de strategie uitzetten om de Fransen
definitief te verslaan. Zijn oud-leraar jut nog steeds zijn
studenten op om ‘heldhaftig’ dienst te nemen.
Paul keert vervroegd terug naar het front, naar zijn kameraden.
Maar ondertussen is weer een van de klasgenoten gesneuveld. En
naarmate de oorlog verder gaat, “is het dagen, weken, maanden”,
wordt het leven uitzichtlozer, de rekruten alsmaar jonger, dunt
het groepje steeds meer uit. Op een dag in de herfst van 1918
schrijft Paul vanuit de loopgracht een brief naar zijn gewonde
vriend Albert: “Van de twintig uit onze klas die twee jaar
geleden in dienst gingen, zijn alleen jij en ik nog over.”
De film eindigt op een bitter ironische noot, vlak voor de
wapenstilstand van 11 november.
Een leeuwerik zingt zijn lied. Paul gaat rechtop staan om hem
beter te kunnen schetsen. Eén schot. Hij blijft liggen, een
verfrommeld hoopje uniform in de modder.
Die dag, 18 oktober 1918 meldt het Duitse legercommuniqué:
“Im Westen nichts Neues.”
Bespreking
Zoals gezegd is de film gebaseerd op het boek van Erich Maria
Remarque, Im Westen nichts Neues (1929). Het is sterk
autobiografisch: Remarque (1898-1970) nam zelf als
oorlogsvrijwilliger dienst in 1916. Het werd het grimmigste en
meest bekende anti-oorlogspleidooi van Duitse kant. Remarque had
tien jaar nodig voor hij zijn ervaringen van zich af kon
schrijven. Geen wonder dat de nazi’s de roman reeds in 1933
verboden en samen met stapels andere ‘ontaarde’ boeken in
Berlijn aan het plein voor de Humbold universiteit op de
brandstapel deden belanden. De auteur zelf was reeds in 1931
naar Zwitserland uitgeweken. Ook in ons taalgebied beleefde zijn
werk herdruk op herdruk. Het boek was reeds een eerste maal
verfilmd in 1930. Deze remake dateert uit 1979
Sindsdien is de oorlog met veel meer spektakel en ‘special
effects’ in beeld gebracht. Zelden echter zo sober, zo
aangrijpend. Beter zelfs dan de meeste oorlogsdocumentaires:
doordat een Frans filmarchief een quasi-monopolie bezit op de
beelden, krijgen we daarin steeds dezelfde fragmenten te zien.
De film is opmerkelijk trouw aan de roman en de historische
context. Uniformen, loopgraven, wapens en militaire procedures
zijn zorgvuldig gereconstrueerd. De gruwelen van de
loopgravenoorlog — ratten, ziekte, angst voor gasaanvallen, en
zinloze stormaanvallen — worden realistisch weergegeven.
Telkens zijn bladzijden tekst heel eenvoudig en knap in filmtaal
omgezet.
Nadat de studenten hun opleiding voltooid hebben, staat buiten
een nieuwe lichting burgerjongetjes te wachten om binnen te
mogen. De kersverse soldaten marcheren martiaal in rangen naar
de trein. Als die toekomt, blijkt hij afgeladen met gewonden en
verminkten. Zo krijg je in één sequentie Remarques boodschap
mee: “Met grote leuzen dreven onze opvoeders de jeugd naar de
oorlog; als kanonnenvoer werden wij behandeld. Weg grote
idealen.”
Wat begint als een avontuur — vol idealisme en kameraadschap —
verandert immers al snel in een nachtmerrie van modder, angst,
verlies en desillusie. Paul en zijn vrienden leren dat er in de
loopgraven geen helden bestaan: alleen overlevenden. Naarmate de
oorlog voortduurt, ziet Paul zijn jeugdige dromen verschrompelen
en blijft hij uiteindelijk alleen achter, getekend en emotioneel
uitgeput.
Bij het begin van de film dragen de Duitsers nog hun pinhelmen
en de Fransen hun blauwe broeken. (De rode broeken, waarover
vlak voor de oorlog zoveel poeha was geweest, hadden ze dan al
lang afgezworen als veel te zichtbaar mikpunt.) Dan komen nieuwe
rekruten in grauwere uniformen en met de typische Stahlhelme,
die in de Tweede Wereldoorlog slechts licht zouden wijzigen. De
oudgedienden moeten echter nog lang verder met hun helmen, zodat
je twee soorten Duitse uitrustingen krijgt. De veteraan Kat, de
beschermengel van alle groentjes-vers-van-de-opleiding, zegt de
rekruten de zaagtanden van hun bajonet te vijlen. “Niemand
gebruikt dat hier nog, joch. Onderlinge afspraak. Als de
Fransies je met zo’n ding te stekken krijgen, steken ze er je
ogen mee uit.” Authentiek! En dan geeft hij een beeldend lesje
over de verschillende manieren om een vijand met een schop om de
hals te brengen, tot de jonkies gaan kokhalzen. Maar in de
volgende sequentie zie je de ene zijn bajonet bijvijlen en een
paar anderen hun schop aanscherpen.
Of de gasaanval. Wanneer die begint wippen ze de loopgracht uit
en een ondiepe granaattrechter in. Als Kat het “alles veilig”
geeft en ze hun gasmaskers afzetten, is er een groentje dat zijn
opbergtrommel in de loopgracht laat rollen. Hij duikt er
achteraan, de gaswolken in. Want gas blijft tegen de grond
hangen. Ze brengen hem weg, terwijl hij, als zovelen voor hem,
zijn longen uitrochelt. (Over het gebruik van gifgas, zie de
roman van Willy Spillebeen,
De heuvel.
Remarques boek noch de verfilming ervan hebben hun doel bereikt:
“Nooit meer oorlog!” Dat weten we nu. Tot vandaag, maar al te
goed! Toch lonen zij de moeite, als menselijk document,
oorlogsdocument en waarschuwing. Er zijn meerdere verfilmingen
van de roman, waaronder de klassieker uit 1930 en de moderne
herinterpretatie uit 2022. Deze versie uit 1979 kreeg veel lof
voor haar historisch realisme, sterke acteerprestaties en
emotionele intensiteit. De centrale boodschap van de film is
ondubbelzinnig: oorlog is zinloos, ontmenselijkt en vernietigt
een hele generatie. Jonge mannen die vol idealen vertrekken,
keren — als ze al terugkeren — gebroken terug. Of gruwelijk
verminkt. (Zie bij ‘Leeswerk’ Aline Sax, Negentien Negentien)
Dit is een film over de Duitse situatie. Maar voor Frankrijk,
Engeland, België… geldt hetzelfde. Niet voor niets wordt dit
‘de Grote Oorlog’ genoemd tot het in
1940 de Eerste Wereldoorlog werd.
Didactische Tips
Filmtaken
1.1. Algemeen
De film bevat schitterende voorbeelden van filmtaal, onder veel
andere de langgerekte camerabewegingen, de overgangen van
panoramisch beeld naar close-up,
Elk lid van de groep selecteert bij het kijken a) 2 sequenties
waarin de knap gebruikte filmtaal indruk maakte. Beschrijf bij
de groepsbespreking de plaats van de sequentie in het geheel van
de film - Wat was er zo indrukwekkend: welke camerabeweging?
b) één sequentie waarin de muziek/de geluidsachtergrond bijdroeg
tot het welslagen van het fragment.
Welke scènes hebben de grootste indruk nagelaten en waarom?
Na de bespreking kiest je groep 3 voorbeelden uit a en 2 uit b
om in het schriftelijk verslag uit te werken.
1.2 Camerawerk en geluid
Het camerawerk is nauw betrokken bij de soldaten: lage
standpunten, close-ups van gezichten vol modder en angst, en
panoramische beelden van verwoeste landschappen. Het geluid
versterkt de spanning: ratelende mitrailleurs, explosies en
schreeuwen domineren de oorlogssequenties. Muziek wordt
spaarzaam ingezet, wat het realisme versterkt.
13 Historische beeldvorming
Kies één aspect dat
a) je iets leerde wat je nog niet wist/ dat je verbaasde/ dat
afwijkt van wat je dacht te weten over de behandelde periode of
verhaal/ sterk verschilt van onze huidige opvattingen. Dit mag
'iets' zijn in verband met het materiële leven (kledij, voedsel,
wapens, wijze waarop men reisde, baadde, bad, danste... ) of in
verband met de mentaliteit (omgangsvormen, verhouding
man-vrouw...al helemaal niet moeilijk bij dit iconische
verhaal!)
b) ondanks de afstand van meer dan een eeuw eigenlijk
fundamenteel niet verschilt van onze huidige tijd of alleszins
van hedendaagse gebeurtenissen. Welke hedendaagse/recentere/
gelijksoortige gebeurtenissen? Kies en bespreek.
Leg in de groepsbespreking de resultaten van je bevindingen
naast die van de andere leden en geef ze weer in het
schriftelijk verslag.
Leeswerk:
Een
uitvoerige lessenreeks over de Eerste Wereldoorlog met
toegang tot enorm veel materiaal op Histoforum .
Zie op deze site:
Een spervuur van publicaties, Magazine 2014.
Cowley, Robert, De eerste Slag om Ieper, Amsterdam,
Uitg. Horizon, 2024, 666 blz.
Serrien, Pieter, Het elfde uur 11 november 1918,
Amsterdam, Uitg. Horizon, 2018, 448 blz.
Romans
Annelies Beck,
Over het Kanaal, Breda, De Geus, (2011), 2014³, 315
blz. – ook als e-boek. < LINK LEGGEN> Over het kanaal
Aline Sax, Negentien Negentien, Amsterdam, Ambo/Anthos,
2025,448 blz.
Elisabeth Marain, De vluchtelingen (Cyclus der legenden
1), Amsterdam, Arena, 1994, 295 blz.
Willy Spillebeen,
De heuvel, Leuven, Davidsfonds/Literair, 2002, 419 blz.
Film:
The Salient
Jos Martens februari 2015 – oktober 2025
