artikelen over geschiedenis didactiek
Reformatorisch altaarstuk
In de Petrus en Pauluskerk in Weimar hangt een bijzonder altaarstuk, namelijk een reformatotisch of Lutheraans altaarstuk.
Inhoud
Reformatorisch altaarstuk
Ik denk niet dat het woord officieel bestaat, maar je
zou het altaarstuk in de Petrus en Pauluskerk in Weimar
een reformatorisch of Lutheraans altaarstuk kunnen
noemen.

Petrus en Pauluskerk in Weimar (Foto: NoRud)
Volgens de meest recente onderzoeken is het geschilderd in de jaren 1552-1555 door Lucas Cranach de Jongere en is het werk niet, zoals lang werd aangenomen, begonnen door Luca Cranach de oude in zijn stervensjaar (1553).

Altaarstuk van Lucas Cranach de Jongere (1552-1555).
Klik
hier voor een vergroting.
Op het linker deel van het altaarstuk zijn de opdrachtgever, Johann Friedrich I van Saksen en zijn vrouw Sybilla van Jülich-Kleve-Berg afgebeeld. Johann Friedrich was de leider van de protestantse Schmalkaldische Bond. Op het rechterpaneel hun drie kinderen, Johann Friedrich II, Johann Wilhelm I en Johann Friedrich III.
Het gaat hier om een Lutheraans altaarstuk, dat in een Calvinistische kerk in ons land nooit zal zijn gebruikt, zeker niet na de Beeldenstorm van 1566. Afbeeldingen van heiligen, maar ook van Jezus aan het kruis, zijn daar uit den boze, Dat het geen katholiek altaarstuk is, wordt meteen duidelijk omdat Maria, die in het protestantisme niet de bijzondere positie heeft, die zij in de katholieke kerk wel heeft, ontbreekt op deze schildering. De schilder heeft zijn vader Lucas Cranach willen eren, door hem tussen Joahannes de Doper (links) en Maarten Luther af te beelden. Luther wijst op een passage in zijn vertaling van de Bijbel over de verlossing door het bloed van Jezus.
Het bloed uit de wond van Jezus komt neer op diens hoofd, waarmee de schilder wil aangeven dat hij direct leeft door de genade van Jezus en dat er geen tussenkomst van een priester nodig is. Deze wordt overigens nog twee keer afgebeeld. Links van het kruis als de opgestane Heer en als lam Gods onder het kruis.
Links van de voeten van Jezus is nog een uit het paradijs vluchtende Adam te zien, als sumbool voor de zonde van de mens, die behoefte heeft aan verlossing.
Op de achtergrond rechts het Oud-Testamentische verhaal van Mozes en de bronzen slang en de aanbidding door de herders uit het Nieuwe Testament als voorbeelden van Gods genade.
|
En de Heer zei tegen hem (Mozes): 'Laat een
slang maken en bevestig die op een staak.
Iedereen die gebeten is en daarnaar kijkt,
blijft in leven.'Mozes liet een koperen slang
maken en bevestigde die op een staak. En
iedereen die door een slang gebeten was en
opkeek naar de koperen slang, bleef in leven. |
.




